MEDEMBLIK – De gemeente Medemblik heeft onvoldoende zicht op inwoners die slachtoffer worden van online criminaliteit, babbeltrucs en oplichting door nepagenten. Dat erkent het college van burgemeester en wethouders in antwoord op schriftelijke vragen van Hart voor Medemblik. Uit politiegegevens blijkt dat in 2025 en 2026 ongeveer 180 meldingen zijn geregistreerd die betrekking hebben op helpdeskfraude, bankpasfraude, phishing en andere vormen van digitale criminaliteit.
De vragen werden op 2 september gesteld door raadslid R.H.W. Mensink van Hart voor Medemblik. De partij maakt zich zorgen over de ondersteuning en nazorg van inwoners die slachtoffer zijn geworden van digitale oplichting of criminelen die zich voordoen als politieagent of bankmedewerker.
Volgens de fractie richt de aandacht zich vaak op het voorkomen van criminaliteit, terwijl slachtoffers na een incident eveneens behoefte hebben aan ondersteuning, erkenning en duidelijke informatie over beschikbare hulp.
Nepagenten actief in Medemblik, Wognum en Andijk
Uit de beantwoording blijkt dat nepagenten in 2025 en 2026 actief zijn geweest in verschillende plaatsen binnen de gemeente Medemblik.
De politie noemt daarbij specifiek Medemblik, Wognum en Andijk. In deze drie plaatsen zijn ook verdachten aangehouden die in verband worden gebracht met dergelijke criminaliteit.
De aanpak van nepagenten is volgens het college een van de prioriteiten van politiebasisteam Hoorn.
Bij deze vorm van oplichting doen criminelen zich voor als politieagent of medewerker van een bank. Slachtoffers worden telefonisch benaderd en soms overtuigd dat hun geld, bankpassen of waardevolle bezittingen niet veilig zijn.
Vervolgens verschijnen de oplichters aan de deur om sieraden, bankpassen of andere eigendommen mee te nemen. Naast financiële schade kan dit grote emotionele gevolgen hebben, zeker wanneer criminelen toegang tot de woning hebben gekregen.
Ongeveer 180 meldingen van digitale fraude
De politie houdt een afzonderlijke registratie bij van meldingen over helpdeskfraude en andere digitale criminaliteit. Daarin zijn voor 2025 en 2026 gezamenlijk ongeveer 180 meldingen opgenomen.
Het gaat onder meer om bankpasfraude, phishing en andere vormen van digitale oplichting.
Hoeveel van deze zaken daadwerkelijk zijn onderzocht en hoeveel daarvan zijn opgelost, kan het college niet aangeven.
Volgens de gemeente is het beschikbare beeld onvolledig. Digitale criminaliteit houdt zich bovendien niet aan gemeentegrenzen. Verdachten die elders in Nederland worden aangehouden, kunnen betrokken zijn bij strafbare feiten waarvan inwoners van Medemblik slachtoffer zijn geworden.
Daardoor is niet altijd direct duidelijk welke aanhoudingen verband houden met aangiften binnen de gemeente.
Gemeente erkent gebrek aan inzicht
Een opvallende conclusie uit de beantwoording is dat de gemeente onvoldoende zicht heeft op de slachtoffers van online criminaliteit.
Het gemeentelijke beleid richt zich momenteel voornamelijk op preventie en voorlichting. Daarbij wordt aandacht besteed aan zowel jongeren als ouderen.
Hart voor Medemblik wil echter weten of slachtoffers na een incident voldoende ondersteuning krijgen en of zij weten bij welke instantie zij terechtkunnen.
Aanleiding voor de vragen is onder meer een onderzoek van masterstudent Sofia Robben naar de ervaringen en behoeften van slachtoffers van online criminaliteit.
Uit dit onderzoek komt volgens de fractie naar voren dat slachtoffers behoefte kunnen hebben aan erkenning, begeleiding en een duidelijke route naar passende hulp.
Het college laat weten bekend te zijn met het onderzoek en de aanbevelingen.
Slachtoffers worden doorverwezen naar hulporganisaties
Inwoners die slachtoffer worden van digitale criminaliteit, worden doorgaans door de politie doorverwezen naar Slachtofferhulp Nederland.
De gemeente Medemblik subsidieert deze organisatie. Daarnaast kan de politie slachtoffers doorverwijzen naar de landelijke Fraudehelpdesk.
Wanneer inwoners andere vormen van ondersteuning nodig hebben, kunnen zij terecht bij het Sociaal Loket van de gemeente.
Dat geldt ook voor mensen die na een incident last hebben van angst, schaamte of gevoelens van onveiligheid.
Vooral wanneer oplichters daadwerkelijk in de woning zijn geweest, kunnen de gevolgen verder gaan dan het verlies van geld of waardevolle spullen.
Opvallend is dat er volgens het college geen specifieke regionale afspraken zijn gemaakt over de doorverwijzing van slachtoffers van online criminaliteit.
Voorlichting aan jongeren en ouderen
De gemeente zet verschillende middelen in om inwoners weerbaarder te maken tegen digitale criminaliteit.
Zo wordt gebruikgemaakt van HackShield, een programma dat kinderen van acht tot twaalf jaar leert hoe zij zich online kunnen beschermen. Het jongerenwerk ondersteunt deze activiteiten.
Daarnaast organiseert de gemeente samen met de politie voorlichtingsbijeenkomsten voor dorpsraden en de stadsraad.
Daarbij wordt onder meer aandacht besteed aan de risico’s voor ouderen en het herkennen van verdachte situaties.
Ook via sociale media en dorpsbladen wordt informatie verspreid over digitale veiligheid.
Gemeentelijke medewerkers krijgen volgens het college periodiek trainingen en voorlichting om signalen van slachtofferschap te herkennen. Daarbij wordt samengewerkt met de politie en NH Veilig.
Nieuwe veiligheidsplannen voor 2027 tot 2030
Hart voor Medemblik vraagt het college om te onderzoeken of de huidige ondersteuning voldoende aansluit bij de behoeften van slachtoffers en waar verbeteringen mogelijk zijn.
De gemeente verwijst in haar antwoord naar de voorbereiding van het nieuwe Integraal Veiligheidsplan 2027-2030.
Als onderdeel daarvan wordt momenteel een veiligheidsanalyse uitgevoerd. Hierin wordt onder meer onderzocht hoe inwoners de veiligheid binnen de gemeente ervaren.
Digitale criminaliteit is een van de onderwerpen die daarbij worden meegenomen.
Wanneer uit de analyse blijkt dat dit onderwerp extra aandacht verdient, krijgt het volgens het college een plaats in het nieuwe veiligheidsplan.
Een afzonderlijk onderzoek naar de kwaliteit van de bestaande slachtofferhulp of concrete aanvullende maatregelen worden in de beantwoording niet toegezegd.
Nazorg blijft belangrijk aandachtspunt
Met de raadsvragen wil Hart voor Medemblik bereiken dat slachtoffers niet alleen worden gewaarschuwd voor de gevaren van digitale criminaliteit, maar ook kunnen rekenen op passende ondersteuning wanneer het misgaat.
De partij benadrukt dat gemeenten niet alle hulp zelf hoeven te verzorgen, maar wel een belangrijke rol kunnen spelen bij het herkennen van slachtoffers en het verwijzen naar professionele hulp.
Voorlopig blijft de ondersteuning in Medemblik grotendeels afhankelijk van bestaande organisaties zoals Slachtofferhulp Nederland, de Fraudehelpdesk en het gemeentelijke Sociaal Loket.
Of de gemeente haar aanpak van online criminaliteit en slachtofferzorg daadwerkelijk gaat uitbreiden, moet blijken uit het nieuwe veiligheidsbeleid voor de periode 2027 tot en met 2030.


















